De digitale dood

Lord of the Cloud

Er wordt veel geïnnoveerd in recruitment. Bijvoorbeeld met grote ideeën. Referralprogramma’s. Talentpools. Online netwerken. Meer efficiency met een ATS in de vorm van een SaaS. Er wordt ook geïnnoveerd met dingen die hier onlangs ‘fringe initiatives’ werden genoemd. Prachtige term: rafelideeën. Zoals ‘aggregators’ die het internet afschuimen om gegevens over iemand te verzamelen. Tien verschillende vacature-apps. Deelmogelijkheden, deelmogelijkheden, deelmogelijkheden. Gisteren tijdens eRecruitment 2013 kwamen er nog veel meer voorbeelden langs. Semantisch cv’s zoeken. Datamining in LinkedIn met imponerende wolken met bolletjes en lijntjes. CRM met clicks en opt-outs. Praktisch alle ‘vernieuwingen’ van de afgelopen jaren hebben één ding met elkaar gemeen: het is techniek. In bijna alle gevallen online techniek. Recruitment heeft zijn lot in handen gelegd van de Lords of the Cloud.

In principe vind ik daar niks van. Bovendien: je houdt ’t toch niet tegen en sommige zaken hebben nog wel nut ook. Alleen: het zijn allemaal digitale oplossingen, waar de vraagstukken bij recruitment in essentie analoog zijn. Organisaties willen maar één ding: de beste kandidaat. Maar dat is niet per definitie degene tegen wiens profiel – check, check – de meeste functie-eisen kunnen worden weggestreept. Misschien is het juist wel degene die nog niet aan de helft van de eisen voldoet. Of deugen je functie-eisen gewoon niet. Werkzoekers op hun beurt willen ook maar één ding: een leuke baan bij een leuke werkgever. Niet te ver uit de buurt, beetje goed betaald, gezellige collega’s. Ook hier geldt: dat is geen digitaal gegeven. De leukste baan is niet per definitie die waarbij je precies al je zorgvuldig op een rij gezette eisen en wensen – check, check – aantreft. Soms realiseer je je als je bij een nieuwe baas begint nog niet eens dat je de leukste baan hebt gevonden. Het is lastig om eisen waarvan je je amper of nog niet bewust bent, op digitale wijze te vertalen naar een handjevol invulvelden.

De techniek belooft – al dan niet perfecte – matches: we hebben niemand gemist en alle eisen kloppen. Maar als analoge mensen en analoge organisaties worden gedwongen om elkaar digitaal te zoeken en te vinden, waarbij mensen worden teruggebracht tot wat Jaron Lanier noemt: “a reduced expectation of what a person can be” en vacatures niets meer zijn dan een beperkte set attributen bij velden in een database, tja. Dan sterven de mooiste combinaties een digitale dood.

14 thoughts on "De digitale dood"

  1. Wow! Mooi onder woorden gebracht. Iets met een spijker en kop enzo…

  2. Ja ja ’t is wat. Ik heb nog een hele doos met oude casettebandjes. Allemaal analoog. Mag je zo komen ophalen. Ik doe er toch niks meer mee. Zonde, he… 😉

    1. Moet je toch weer eens naar luisteren. Dat fijne, oude, krakerige geluid. Ruis… daar kunnen we soms wel wat meer van gebruiken.

  3. Met Marc eens trouwens: mijn oude Kraftwerk vinyl LP’s klinken een stuk beter dan hetzelfde op Spotify.
     
    Maar waren dan weer om te beginnen al digitaal…

Comments are closed.