DRUK! DRUK! DRUK?

Ik las in één van HireScores.com’s recente statistieken dat bijna de helft van de Britse werknemers ongeveer 1/3 van hun dag ‘doen alsof’ ze werken en dat 32% toegeeft dat ze circa 3 ¼ uur per dag verspillen aan niet werkgerelateerde taken. Dit betekent dat, gemiddeld genomen, werkgevers hun personeel bijna 12 uren per week betalen om niets te doen … Misschien zijn er ook vergelijkbare cijfers bekend voor de Nederlandse arbeidsmarkt? Als u ze heeft laat het me weten!

Ik schrok toen ik las dat 96% van de respondenten toegaf dat ze liever op koffie- en theerondes voor de rest van hun collega’s gingen of hun bureau opruimden puur om maar niet te hoeven werken. Dat zorgt er toch wel enigszins voor dat je die ’sociale’ collega met wat andere ogen gaat bekijken…;-)

Is dit de reden voor het recente tumult in Nederland waar de werknemers en masse klagen over een ‘Bore Out’ in plaats van de voormalige ‘Burn Out’? Zijn we het werken an sich gewoon zat? Of zijn we gewoon tot op het bot verwend? Het is een psychologisch gegeven dat mensen in tijden van schaarste minder klagen over dit soort zaken enkel en alleen omdat ze geen tijd hebben zich zorgen te maken over de vraag hun werk, leven, en partner maar te druk zijn met primaire zaken als overleven! Is de ‘Bore Out’ een neveneffect van de huidige relatieve goede tijden in het Westen? Ik kan niet anders concluderen dan dat dit een hele plausibele verklaring ervoor zou zijn.

Maar wat nu te doen? Misschien niets. Misschien is het gewoon de nieuwe en ‘verbeterde’ werkethiek van de 21e eeuw. Het onderzoek toonde aan dat een typische Britse werknemer ongeveer 2 uur en 20 minuten per dag besteedde aan het praten met collega’s, roddelen bij de waterkoeler, koffie- en theerondes liep, bureaus opruimde, archiefkasten sorteerde en surfte op het internet.

Willen we nu echt dat onze medewerkers stoppen met praten met hun collega’s? Natuurlijk niet. Het is ook een welbekend feit dat de beste kantoorroddels worden gedeeld bij diezelfde waterkoeler, het koffiezetapparaat of tijdens de, steeds minder aangemoedigde, rokerspauze. Vooral voor een HR medewerker in een bedrijf is het van vitaal belang om up to date te blijven inzake alle geruchten en ‘hot topics’ op de werkvloer. Tegenwoordig is er geen medewerker die niet surft op het internet tijdens werktijd. Maar is het reguleren van surfen tijdens kantooruren productief of zelfs wenselijk? Als je het mij vraagt is het internet tegenwoordig een dusdanig onlosmakelijk onderdeel van een ieders leven dat dit zeker niet het antwoord is.

De werknemers die nu hun intrede op de arbeidsmarkt doen weten niet eens meer wat het ìs een ‘leven zonder internet en email’. Je haalt ze niet meer binnen zonder een fully featured corporate vacaturesite, een sexy employer brand en online blogs van medewerkers die vol trots vertellen over dat laatste fantastische project en hoe goed u wel niet bent als werkgever! Zij willen dat uw bedrijf actief is op allerlei networksites en communities die hen verzekeren dat u wèl die betrokken werkgever bent met oog voor de werk/privé balans en aandacht voor opleidingen. Om deze en andere redenen is het eveneens een verloren strijd om diezelfde werknemers te behouden voor uw organisatie als u niet wat soepeler omgaat met hun online aanwezigheid en de tijd die het hen –  en vooral u – kost terwijl ze surfen op het web.

Dat betekent wel dat u moet zorgen dat u een persoon in uw bedrijf aanwijst die uw online aanwezigheid en bedrijfsreputatie in blogs, fora en andere networking sites controleert en waar nodig nuanceert. Het maakt niet uit hoeveel tijd en geld u heeft besteed aan het zorgvuldig opbouwen van uw goede naam en employer brand, want als een ontevreden ex-werknemer het echt wil dan kan hij of zij in een paar minuten u erg veel schade berokkenen.

Zou het dan niet verstandiger zijn om – in plaats van bijvoorbeeld regels op te stellen ter beperking van de online tijd van de werknemers – je te concentreren op de vraag waarom bijna de helft van de ondervraagden aangaf 1/3 van hun dag aan niet-werk gerelateerde taken kwijt te zijn en waarom 32% toegeeft dat ze gemiddeld 3 uur en 15 minuten per dag besteden aan het praten met collega’s en aan het ‘doen alsof’ ze het druk hebben?

Is het wellicht een teken dat veel werkgevers onvoldoende zicht hebben op het aantal werknemers die ze daadwerkelijk nodig hebben om de business te runnen?  Hebben ze wel voldoende zicht op de effectieve productiviteit van de werknemers op een manier die zinvol is! Ik verbaas me elke keer weer als ik berichten hoor over inkrimping bij een bedrijf van honderden werknemers om de kosten te drukken, zonder dat er met één woord wordt gerept over een significante daling van de productiviteit die dat tot gevolg zal hebben.

We hebben nog een lange weg te gaan, dat is een ding wat zeker is! Benieuwd welke weg te nemen? Lees mijn volgende column…

Geef een reactie

5 Comments
  • Bas van de Haterd
    says:

    Het verbaasd me niets als ik eerlijk ben. Als ik zie hoe vaak ik nu dingen doe nu ik zelfstandig ben die ik heerlijk vind, maar niets met mijn werk te maken hebben, is dat gewoon geweldig. Het voordeel van niet op kantoor zitten en niet afgerekend worden op uren die je zogenaamd productief bent.

    Ik kan me herinneren dat een US bedrijf van 5 naar 4 dagen in de week terug ging voor iedereen. De productiviteit daalde niet. Toen vroegen ze zich dus af: moeten we nu de eisen 20% opschroeven? Nee, want we waren daarvoor ook tevreden, dus blijkbaar is er nu minder zinloos werk.

    Valt het je ooit op dat veel part-time collega’s (tenminste, degene waarmee ik het geluk heb gehad te werken wel) vaak net zoveel doen in 3 dagen als anderen in 5?

    De oplossing ligt in mijn optiek voor de hand: op output sturen. Ongeacht de uren die je werkt, ongeacht de aanwezigheid. Waarom zou je niet ’s ochtends een uur laten kunnen komen omdat je bent gaan sporten, als je je werk maar af hebt. Who cares wanneer of hoe?

  • Jaap Steinvoorte
    says:

    Is het je wel eens opgevallen dat bij alle bedrijven het altijd maar om een beperkt aantal personen draait? Personen met kennis van zaken, brede kennis, personen met autoriteit, personen die anderen weten te bewegen wat te gaan doen, personen die bijna altijd een oplossing klaar hebben. Ik heb inmiddels bij een divers aantal grote bedrijven, maar ook kleine bedrijven mogen binnenkijken en/of mogen werken. Het aantal is altijd minder dan 10.
    Geef deze mensen de ruimte, de waardering en ze zijn tot iets veel groters in staat dan dat ze nu tentoonspreiden. Geef deze mensen een managementrol en ze gaan voor zekerheid en veiligheid. Het zijn de enthousiastelingen en early adopters, het zijn de echte kenniswerkers die gedreven worden door het opdoen van meer kennis en dit overdragen aan andere mensen. Geef deze mensen de rol die ze toebehoort en  de productiviteit van de andere medewerkers stijgt. Maar ja, daar heb je weer die vervelende managers die voor zekerheid en veiligheid (en natuurlijk hun eigen ego en reputatie gaan), zij drukken de creativiteit, het enthousiasme en nijverheid de kop in.
    Chris stelt al dat de manager een coachende rol zou moeten hebben. Management 2.0 zeg maar. Maar ja, dat betekent controle loslaten, en autoriteit en gezag kwijtraken (wat ze waarschijnlijk niet eens hebben).  De medewerkers op de werkvloer zijn de vertegenwoordigen (een deel van) waarde van een bedrijf. En ze produceren minder dan gehoopt? Falen van het management, van de directie dus ook. Individuele benadering ipv benadering van de massa.

  • Chris Stapper
    says:

    Hey Jakolien! Jij hier? Ik wist niet dat je ook op RM schreef.

    Iedere keer als ik een bericht lees over de bore out vraag ik mij af: worden deze mensen genoeg uitgedaagd? Hebben ze wel genoeg werk en is dat werk van het goede niveau?
    En een vraag die daar uit volgt, binnen de kenniseconomie. Veel werknemers zijn ‘expert’, hun manager heeft een coachende rol. Ze worden veelal aan zichzelf over gelaten. Zijn ze daar aan toe? Is het voor heel veel mensen niet prettiger als er iemand is die ze verteld wat ze moeten doen?

    Het blijft erg moeilijk om een balans te vinden tussen vrijheid in werk, voldoende druk op de plank en andere genoemde factoren.