Monster’s Iannuzzi is de uitgever van de Internet generatie

Monster Het recruitment ecosysteem voor de komst van Internet bestond uit … nou ja, eigenlijk alleen uit kranten en vakbladen. Print had het rijk helemaal alleen. Gouden tijden waren dat. Met de komst van Internet veranderde dat ecosysteem. Geleidelijk maar onverbiddelijk drongen nieuwe intreders de papieren alleenheersers van weleer naar de randen van dat ecosysteem. Een feit dat tegenwoordig alleen nog wordt ontkent door het NOA.

Maar we hebben er een nieuwe NOA bij; in de persoon van Sal Iannuzzi (CEO van Monster). Jawel, deze bruine beer met oogkleppen ziet de marktpositie van Monster absoluut niet bedreigd door de nieuwe intreders van deze generatie: sociale media. Tuurlijk, Sal…

Iannuzzi maakt overuren in de media om de waarde van zijn 1,5 miljorn aandelen zo hoog mogelijk te houden. Hoewel hij daarbij natuurlijk met geen woord over zijn aandelen rept; nee, Iannuzzi rationaliseert vrolijk over de vreedzame co-existentie van sociale media en vacaturesites. Echt waar.

Zowel tijdens de presentatie van de kwartaalcijfers als in reactie op een blog posting op CNBC als in een ‘interview’ met John Zappe doet Iannuzzi zijn uiterste best om sociale media als een interessante side-act af te schilderen.

Presentatie van de kwartaalcijfers
Tijdens de presentatie ging Iannuzzi in op artikelen in de media die een afname van de inzet van vacaturesites beschreven. En hij doet dat vanuit een (overigens zelfgekozen) verdedigende positie:

“In one of these articles that recently appeared, and this was in the past couple of days, one of the companies mentioned that they were cutting back, and this is the second time or the third time that someone was quoted from that company, and this was a large—a very large consulting firm. Okay, now, I won’t mention the name because it’s inappropriate for me to use the name of a customer. We have a policy we just don’t do that.

[…]

“For the record, I can’t talk about when people say things in a vague way, but I can talk about them in a very specific way. That company has increased their activity with Monster over the past year by 87 percent. So, where this noise comes from and what drives it, so people can have quotes, either for their reports to prove a point and make it up, I don’t know. But the reality is what I just said. They’re all—their spend with Monster, and this is a big customer, is up 85 percent.

“Secondly, another company, this is a major—one of the biggest, if not the biggest, staffing companies in the world, indicated earlier in the year, and it was re-reported a couple of days ago, that they were pulling back and going to different either professional media sites or social media sites to do their recruitment, and indicated that their spend and reliance on job boards, if Monster indeed is considered a job board, was being diminished.

“That same company increased their spend with us last year by over 150 percent.”

Het laatstgenoemde bedrijf is natuurlijk Adecco, zoals ik al eerder heb aangegeven.

Iannuzzi gaat inhoudelijk in op argumenten in de media maar geeft tegelijkertijd geen absolute duidelijkheid, hoewel hij dat in zijn antwoord wel suggereert. Alleen door man en paard te noemen zijn zijn uitspraken verifieerbaar. Nu is het een ronde boksen zonder dat er een vuistslag is uitgedeeld. Reageer dan niet; wat dat betreft is Monsterboard in Nederland veel consequenter.

Maar het wordt nog leuker, veel leuker.

Reactie op CNBC
Monster reageert officieel op een artikel dat voorafgaand aan de publicatie van de jaarcijfers op het weblog van de TV-zender CNBC verscheen. En in die officiële reactie gaat Monster als volgt in in op de gepercipieerde dreiging van sociale media voor de ‘traditionele’ vacaturesites:

“Networking has always been a useful means of connecting people. And it should continue to be."

“We operate a completely different business from LinkedIn, and don’t see them impacting our business in a meaningful way. The facts tell the story."

Oei, oei, oei. Monster zit in de ontkenningsfase! Een volledig andere business dan LinkedIn? Zou Monster recent nog een bezoekje aan de site hebben gebracht? En als ze toch aan het rondkijken zijn, ook wel eens op Glassdoor gekeken?

‘Interview’ met John Zappe

Als laatste is er het ‘interview’ van John Zappe met Iannuzzi. Het is geen echt interview; Zappe heeft een aantal vragen richting Monster gestuurd en die kwamen na een aantal dagen met reactie van Monster terug. God mag weten wie die vragen uiteindelijk heeft beantwoord… Maar laten we net doen of het Iannuzzi is geweest, dat maakt het wel zo leuk.

Het mij vooral om de tweede vraag van Zappe en het antwoord van Monster:

Vraag: We hear a lot about how social media recruiting has been the buzz among recruiters for the last few years. It gains new participants every day. What role do you see Monster playing in social media? How do you see Monster leveraging social media principles to help recruiters find better candidates?

Antwoord: The media loves to pit “social” against “job boards” as if it’s a Roman gladiator event. “Are job boards dead?” This discussion is actually a waste of energy; it’s not focused on the right questions. The question is not, what’s our social strategy? What matters most is: “How can employers most efficiently source, reach and attract the most relevant talent from across multiple sources?” And doing it repeatedly, with increasing scale as the economy improves and the war for talent heats up again.

We’ve invested in innovation that addresses these questions and has taken us far beyond our roots as a “job board.” Two notable examples are our 6Sense-powered semantic search products that can precisely filter and present the best matches from any source, and our Career Ad Network that reaches passive seekers with your opportunities all across the Internet. There’s a place for “social” in recruiting, and for networking, just as there always has been. Seekers will ask their friends for advice and recruiters will mine their contact lists and ask their colleagues for leads. But we’re focused on the part of the recruiting equation that customers have been clamoring for — finding the right candidate for the right job, with efficiency and precision.

[nadruk door auteur]

En hier raakt Monster onbewust exact de eigen achilleshiel. Monster heeft zich de afgelopen jaren gericht op de werkgever die op zoek is naar kandidaten. Niet op de kandidaat. De reden van deze focus is simpel: omzet. Net zoals uitgevers zich jarenlang hebben blindgestaard op het behouden van de advertentie-omzetten in plaats van om zich heen te kijken en te zien wat de reden was waarom die omzet naar online verdween.

Monster denkt en werkt vanuit de werkgever/recruiter. En daar is niets mis mee. Maar de werkzoeker is uiteindelijk hetgeen wat de werkgever/recruiter zoekt. En als die werkzoeker niet naar Monster gaat maar wel op LinkedIn of Facebook of Twitter te vinden is? Guess what? Dan gaat die werkgever daar ook naar toe. En bedankt Monster voor de moeite…

Er is nog veel meer leuks te lezen; maar hiermee is de positie, en het dilemma, van Monster wel duidelijk genoeg geschetst.

Nabeschouwing
Met de op handen zijnde IPO’s van LinkedIn en Facebook gaat meer en meer aandacht uit naar deze new kids on the block. Een ongekende hoeveelheid gratis publiciteit waar Monster op geen enkele manier tegenop kan. Daarnaast laat LinkedIn een stroom aan nieuwe gimmicks uit haar Lab stromen; met wederom veel gratis publiciteit tot gevolg.

Monster heeft zich drie jaar geleden ingegraven door te kiezen voor een overname van Trovix als hart van haar nieuwe wereldorde. De geboorte van 6Sense is hier een gevolg van en de successen van deze ‘unieke’ match-technologie worden met grote regelmaat van de Monster daken geschreeuwd. En mogelijk terecht; hoewel er nog altijd geen harde cijfers door Monster zijn gepresenteerd.

Maar Monster heeft daarmee haar toekomst volledig gezet op een nieuwe technologie en het daaruit ontspruiten van nieuwe producten en diensten. Niets mis mee; ware het niet dat Monster tijdens de afgelopen jaren van navelstaren links en rechts ingehaald lijkt te zijn door sociale media; met LinkedIn als boegbeeld in dit geval. En dat schaadt nu de marktwaarde van het aandeel. Een marktwaarde waar C-level executives als Iannuzzi groot persoonlijk belang bij hebben. Zoals ook maar weer eens bleek toen een aantal van deze executives van Monster vrijwel op de piek van de markt (15 december 2010) een forse hoeveelheid aandelen verkocht:

  • Iannuzzi: 53.924
  • Yates: 22.670
  • Dejanovic: 20.068
  • Poulos: 15.141

Voor een bedrag van $24,25 per aandeel (op dat moment) betekent dit een kerstgratificatie van $2.7 miljoen. En deze C-level rakkers hebben nog honderdduizenden aandelen meer (per persoon). Met andere woorden; deze executives hebben een direct belang bij een zo hoog mogelijke waarde van het aandeel; ongeacht of die waardering al dan niet realistisch is.

En daar ligt de werkelijke incentive van Iannuzzi c.s. om sociale media af te doen als een sideshow. Er is een absolute noodzaak voor deze executives om het aandeel van Monster optimaal te laten presteren. In principe gaat dit hand in hand met een optimale prestatie van Monster zelf. Maar sentiment speelt ook een belangrijke rol en daar richt Iannuzzi zich op. Maar laten we eerlijk zijn. Als ik investeerder was zou ik eerder tijdens de IPO van LinkedIn willen scoren dan een pakketje Monster aandeelen. Wie maakt me los?

Geef een antwoord

4 Comments