Eind mei heb ik in een Woo-verzoek gericht aan UWV gevraagd om openheid van zaken te geven over de normbrief die de Autoriteit Persoonsgegevens aan 8vance heeft gestuurd. En UWV heeft binnen recordtijd (minder dan een maand) een besluit op mijn Woo-verzoek gepubliceerd! Natuurlijk wijst UWV het verzoek af, maar dat staat volgens mij in de werkinstructie van de Woo-juristen. Dus daar kijk ik niet van op. Nee, de snelheid van reageren is uniek te noemen, en smaakt naar meer.
Genoeg ironie, terug naar het Woo-verzoek en het besluit van UWV. Op 27 mei vroeg ik het UWV om de volgende informatie:
- De bevestiging of het UWV kennis heeft genomen van de normbrief van de AP van 8 augustus 2024 met betrekking tot 8vance , en de documentatie waaruit deze kennisname blijkt.
- Alle documenten die inzicht geven in de interne analyse van het UWV over de gevolgen van deze normbrief voor de door 8vance geleverde diensten. Alle documenten die inzicht geven in de acties , maatregelen en besluiten die het UWV naar aanleiding van deze normbrief heeft genomen. Dit omvat onder meer correspondentie met 8vance over de continuïteit van de dienstverlening en de compliantie met de privacywetgeving na de waarschuwing van de AP.
- Documentatie over de vraag of het UWV de samenwerking met [bedrijf] heeft geëvalueerd , aangepast of stopgezet in het licht van het feit dat de kernactiviteit van 8vance (het scrapen van persoonsgegevens) door de AP als problematisch is aangemerkt.
En, bijna per kerende post, kreeg ik dit antwoord van UWV:![]()
Beslissing op Woo-verzoek 27 mei 2026 – UWV
Ten aanzien van het eerste punt mijn eerste vraag heeft UWV in haar overweging gelijk; de Woo is uitsluitend bedoeld voor het openbaar maken van bestaande documenten die berusten bij het bestuursorgaan. Maar dan vergeet UWV gemakshalve het tweede deel van punt 1., namelijk: en de documentatie waaruit deze kennisname blijkt. Dat zijn (eventueel) bestaande documenten de wel onder de Woo vallen. Maar het lijkt er opdat UWV dat deel van de zin volledig negeert.
Dit in in de overweging van UWV schokkend:
Om u toch van dienst te zijn , merken wij op dat UWV ten tijde van de behandeling van uw verzoek kennis heeft genomen van de inhoud van de brief nadat deze openbaar op internet was gepubliceerd.
Het openbaar op Internet publiceren van de normbrief is door mij gedaan, in de blog posting Autoriteit Persoonsgegevens geeft antwoord. En UWV stelt hier dus dat UWV niet eerder dan vanaf 14 mei 2026 kennis heeft genomen van de normbrief die de Autoriteit Persoonsgegevens aan 8vance heeft gestuurd op 8 augustus 2024!
De normbrief kan grote invloed hebben op (de continuering van) het contract tussen UWV en 8vance indien AP van mening is dat 8vance haar verwerkingen moet staken. Maar desondanks zegt UWV dat zij geen normbrief heeft ontvangen van 8vance. Sterker nog, UWV is van mening dat dit ook helemaal niet nodig is geweest:
De door u genoemde brief was niet gericht aan UWV. Voor de geadresseerde of andere derden bestaat geen verplichting om dergelijke correspondentie aan UWV te verstrekken of door te zenden.
Excuse me?! Ik mag toch hopen dat in het contract tussen UWV en 8vance clausules zijn opgenomen die de opdrachtnemer verplichten relevante ontwikkelingen/documenten onverwijld te delen met de opdrachtgever. En hebben de Woo-juristen geen kennis genomen van de Beveiligings- en verwerkersovereenkomst die tussen UWV en 8vance zijn getekend?
Afijn, voldoende overwegingen om voor de (15e keer) bezwaar te maken tegen deze rammelende uitspraak. Waarvan akte.
