Het begon allemaal met deze tweet na dat ik Jacco Valkenburg had zien spreken op het Emerce EHRM congres. Tel daarbij op een paar lunches met Mobile guru en recruitment-overbuurman Gordon Lokenberg bij op en je hebt genoeg stof voor je blog.

Het begon allemaal met deze tweet na dat ik Jacco Valkenburg had zien spreken op het Emerce EHRM congres. Tel daarbij op een paar lunches met Mobile guru en recruitment-overbuurman Gordon Lokenberg bij op en je hebt genoeg stof voor je blog.

Ondanks dat ik LinkedIn soms wat oneerbiedig een geavanceerde Rolodex noem, maak ik er wel veel gebruik van. En dat komt omdat die Rolodex wel goed werkt. Tenminste, als je er voldoende aandacht aan besteedt. In het begin deed ik weinig tot niets met mijn LinkedIn profiel. In het begin verzamelde ik vooral connecties, om er pas daarna voorzichtig mee te gaan communiceren.
Meer gebruik
Het omslagpunt van regelmatig gebruik naar meer gebruik lag voor mij in 2008, toen ik van Ambroos Wiegers (destijds GeenStijl) een ‘recommendation’ ontving. Op dat moment werd me duidelijk dat mensen mijn LinkedIn profiel anders konden gaan beoordelen dan de Rolodex. En vanaf dat moment ben ik nog meer en nog bewuster met LinkedIn omgegaan. Dat uitte zich bijvoorbeeld in…
– het bewuster toevoegen van mensen (als in: meer mensen, maar ook alleen mensen die ik echt ken en daarnaast mensen ‘unfrienden’ die ik niet kende)
– het feit dat ik zelf mensen die ik bijzonder vind, ben gaan ‘recommenden’
– het moment waarop ik voor de eerste keer met het schaamrood op mijn kaken om een recommendation vroeg! (ja ja, been there done that)
Ik vind het zeer bijzonder om te zien dat Manpower als bij toverslag haar oorspronkelijke en volstrekt overbodige homepage heeft verwijderd; kort nadat op RecruimentMatters aandacht is besteed aan deze bizarre uitwas. Werkzoekers zullen collectief juichen om deze verstandige actie van Manpower. Deze gekke pagina is nu dus (voorgoed) verleden tijd:
Grote(re) bedrijven hebben een wervingssite. Intermediairs (uitzenders en werving- en selectiebureaus) hebben een vacaturesite. Beide typen sites hebben tot doel de bezoeker te verleiden tot het zoeken van en solliciteren op een of meer passende, openstaande vacatures.
Maar waarom maken grote(re) bedrijven en intermediairs het vaak zo ongekend moeilijk om dat doel te verwezenlijken? En nog veel belangrijker, wat kan hier aan worden gedaan? Een eerste, en bijzonder eenvoudige stap, is een andere hoed opzetten en testen. En testen, en testen.
Via een tweet van Thomas Waldman over het zoveelste congres over onze ‘krappe’ arbeidsmarkt struikelde ik over de site van RPMS. Geen idee wat voor toko erachter zit, maar ik ben in een stuiplach geschoten toen ik hun site zag. Met maar liefst twee (2) inline sliders. Iedere webbouwer die dit voorstelt dient per direct uit zijn/haar beroep te worden geschopt. En ieder bedrijf die dit toestaat dient per direct te stoppen met een eigen website. Collectieve idiotie!
Tijdens het testen van Werk.nl in het kader van de zoektocht naar de beste vacaturesite van Nederland (jawel, ik ben bijna klaar met het kwantitatieve deel van het onderzoek) kwam ik onderstaande melding tegen:
Dat is natuurlijk zwaar #$%^@&, maar dit gaat niet over de hopeloze site die Werk.nl al jaren is. Want dat is zo langzamerhand genoegzaam bekend. Nee, dit gaat over wat Werk.nl in dit geval aan de bezoeker te bieden heeft; en dat zit achter de hyperlink Wat kunt u nu doen? verstopt.
Tijdens mijn zoektocht naar de beste vacaturesite van Nederland struikelde ik bij de kwantitatieve beoordeling van het sollictatieproces bij Monsterboard over een zeer bijzondere situatie. Want als ik bij deze site probeer te solliciteren op een bepaalde functie gaat het werkelijk kolossaal mis.
Om te kunnen solliciteren via Monsteboard.nl moet je je sowieso registreren; een frustrerende overbodigheid. Maar als je, zoals in mijn geval, vervolgens wil solliciteren op de functie van Accountmanager Relatiebeheer stort de hele gebruikservaring volledig in elkaar.
Daar zijn we dan met de afsluiting van een enerverende dag. In de laatste ronde presenteren de werkgroepen hun cases voor een fles champagne. De case is samengesteld uit de twee uur in werkgroepen. Erg kort om een presentatie voor te bereiden. Een presentatie die binnen 5 minuten moet overtuigen van de meest vernieuwende digitale wervingsstrategie. Uit het niets. Eer, een halve minuut roem en een fles champagne staan op het spel.
Soms krijg ik bijzondere berichten in mijn mailbox. Over het Expatspel bijvoorbeeld, een mailing van (zo blijkt later) Euroforum. Een vrij lyrisch bericht over een offline game waarmee je in de huid van ‘uw migrerende medewerker’ kunt kruipen. Nu wist ik niet dat ik die had, maar ik ben de kwaadste niet. Dus ik download netjes de brochure.
(meer…)
Op elke (verkapte) netwerkborrel loop ik er weer tegenaan. Wat doe ik met die figuren met offline visitekaartjes? Negeren helpt niet. Te pas en te onpas ‘ik ben paperless’ roepen ook niet. Meestal neem ik die papieren vodjes dan maar aan, terwijl ik de persoon in kwestie (indien interessant) op dat moment aan mijn Twitterlijstje toevoeg, of opzoek op LinkedIn.
Met de eventuele hippe vogel ‘bump’ ik even. Maar er zijn meer diensten out there die mijn hellegang wellicht kunnen verlichten. “Contxts is a way to make meaningful connections while out and about. Business cards are so 2007. What with the environment in shambles do you really want to be that guy who is handing out chopped up pieces of bleached trees? We here at Contxts.com think that our site will solve this problem and more. By using SMS, built into every mobile phone, you can easily and rapidly distribute your credentials.” Daarmee is CONTXTS dus al handiger dan Bump, waar beide gesprekspartners een smartphone nodig hebben met die specifieke app erop.