CBS: werkloosheid maart daalt naar 8,7%

Nederlandse vlagVolgens het CBS is de voor het seizoen gecorrigeerde werkloosheid (in aantal personen) in maart 2014 gedaald ten opzichte van februari:

De voor seizoeninvloeden gecorrigeerde werkloosheid nam in maart 2014 met 7 duizend af en kwam uit op 684 duizend personen.

De werkloosheid is daarmee op 8,7% uitgekomen, een daling van 0,6% ten opzichte van vorige maand. Maar zoals het CBS zelf al aangeeft, is deze daling op geen enkele manier een reden voor het slagen van vreugdekreetjes:

Deze daling werd veroorzaakt doordat mensen zich terugtrokken van de arbeidsmarkt, niet doordat meer mensen betaald werk kregen. Het aantal mensen met betaald werk nam in maart opnieuw af.

De situatie op de Nederlandse arbeidsmarkt laat zich daarmee steeds beter vergelijken met die van de VS. Dalende werkloosheidscijfers met tegelijkertijd een afnemende arbeidsparticipatie en daarmee een alsmaar toenemend (verborgen) leed. Soms vraag ik mezelf af welk deel van de Nederlandse bevolking door het CBS wordt benaderd als het om het consumentenvertrouwen gaat…

Het langere termijnbeeld van zowel het niet-gecorrigeerde als het voor het seizoen gecorrigeerde werkloosheidscijfer ziet er als volgt uit:

Niet-gecorrigeerde (grijs) en gecorrigeerde werkloosheidspercentages, januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Niet-gecorrigeerde (grijs) en gecorrigeerde werkloosheidspercentages, januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Op basis van deze grafiek zou je zeggen dat de piek van de werkloosheid in Nederland na de financiele crisis van 2008 wel zo’n beetje is bereikt. En op zich zou dat een steekhoudende uitspraak zijn als je uitsluitend zou kijken naar het aantal werklozen ten opzichte van het aantal personen in de beroepsbevolking. Maar dan vergeten we een zeer belangrijke factor, namelijk de niet-beroepsbevolking. En het feit dat steeds meer mensen zich terugtrekken uit de beroepsbevolking. In tegenstelling tot Mathijs Bouman denkt ik niet dat het komt door een stijgend vertrouwen, maar door een stijging van het aantal discouraged workers. Oftewel mensen die eenvoudigweg het zoeken naar een baan opgeven en daardoor niet langer tot de beroepsbevolking worden gerekend. De Nederlandse beroepsbevolking is in maart 2014 met maar liefst 30.000 personen geslonken; de niet-beroepsbevolking is met 26.000 gestegen. Daar valt een daling van het aantal werklozen met slechts 7.000 natuurlijk volledig bij in het niet.

De bruto arbeidsparticipatie brengt deze ontwikkeling in beeld. Sinds juli 2013 is de bruto arbeidsparticipatie met 0,84% gedaald. Waarvan 0,25% in maart alleen…:

Bruto arbeidsparticipatie (seizoensgecorrigeerd), januari 2003 –  maart 2014. Bron: CBS

Bruto arbeidsparticipatie (seizoensgecorrigeerd), januari 2003 –  maart 2014. Bron: CBS

Dit is een potentieel zeer zorgwekkende ontwikkeling waar bijzonder weinig aandacht voor lijkt te zijn. De regering is vast blij met het enkele werkloosheidscijfer dat kan worden gebruikt als bewijs van het ‘succes’ van haar ‘maatregelen’. Maar ik vraag me af hoe al die discouraged workers hiernaar kijken…

Overigens is ook de daling van de werkloosheid er eentje die niet bepaald gelijk is verdeeld:

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

De werkloosheid onder vrouwen blijft sterk stijgen (van 9,1% naar 9,3%!), terwijl de werkloosheid onder mannen duidelijk is gedaald (van 8,5% naar 8,2%). Een volstrekt tegenstrijdige beweging die overigens vooral lijkt te worden verklaard door een sterke stijging van het aantal mannen in de niet-beroepsbevolking. In maart 2014 is de mannelijke niet-beroepsbevolking met maar liefst 21.000 personen gestegen. Een ongekend hoog aantal.

Zo ziet de ontwikkeling van de werkloosheid er voor de verschillende leeftijdsgroepen van de beroepsbevolking op dit moment uit:

Aantal werklozen per leeftijdsgroep (seizoensgecorrigeerd), januari 2001 – maart 2014. Bron: CBS

Aantal werklozen per leeftijdsgroep (seizoensgecorrigeerd), januari 2001 – maart 2014. Bron: CBS

Het aantal werklozen staat nu op 684.000. Maar dat is een seizoensgecorrigeerd aantal, en ik denk dat er niemand is die ooit een seizoensgecorrigeerde werkloze is tegengekomen. Het aantal echte werklozen in maart staat op exact 700.000. En dat is 17.000 minder dan vorige maand.

De ontwikkeling van de werkloosheid en de niet-beroepsbevollking per leeftijdsgroep is zeer verschillend:

  • Onder 15 – 25 jarigen daalt de werkloosheid van 16,4% naar 15,4%, terwijl de niet-beroepsbevolking met 7.000 personen stijgt.
  • Onder 25 – 45 jarigen blijft de werkloosheid gelijk op 8,2% terwijl de niet-beroepsbevolking met 9.000 personen stijgt.
  • Onder 45 – 65 jarigen stijgt de werrkloosheid van 7,5% naar 7,6% terwijl de niet-beroepsbevolking met 11.000 personen stijgt.

Met andere woorden, de grijze duiven zijn er steeds slechter aan toe…

Als laatste nog even de werkloosheidsontwikkeling van mannen en vrouwen per leeftijdsgroep.

15 – 25 jarigen
De daling van de werkloosheid volledig op het conto van het mannelijk deel van deze leeftijdsgroep, zoals uit onderstaande grafiek duidelijk blijkt:

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 15 – 25 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 15 – 25 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

25 – 45 jarigen

Hier stijgt de werkloosheid onder vrouwen sterk (en naar een nieuw ‘hoogtepunt’) terwijl de werkloosheid onder mannen daalt:

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 25 – 45 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 25 – 45 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

45 – 65 jarigen
Ook bij de oudste leeftijfdsgroep blijft de werkloosheid onder vrouwen zeer sterk stijgen, maar hier is ook bij onder mannen sprake van een stijging:

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 45 – 65 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Gecorrigeerde werkloosheidspercentages 45 – 65 jarige mannen (blauw) en vrouwen (roze), januari 2003 – maart 2014. Bron: CBS

Verantwoording
Op basis van de maandcijfers over de omvang van de Nederlandse beroepsbevolking en de gecorrigeerde cijfers van de werkloze beroepsbevolking heb ik het niet-gecorrigeeerde cijfer van de werkloosheid berekend.

Geef een antwoord

7 Comments